Zicht op de kerk van Hijlaard
Zicht op de kerk van Hijlaard Tresoar

Een ontluisterende kerkstrijd in Hijlaard

De afgelopen maanden lazen en hoorden we over een heel dorp dat moet verhuizen – als dat doorgaat: Moerdijk. Onlangs verscheen een boek over een half dorp dat moest verhuizen, weliswaar in een andere betekenis.

Die verhuizing had niet te maken met uitbreidingsplannen van de industrie, maar met verwikkelingen op het kerkelijke terrein: de Doleantie. Dat is de algemene aanduiding voor de scheuring in de Nederlandse Hervormde Kerk onder leiding van dr. Abraham Kuyper, die leidde tot de vorming van de Gereformeerde Kerken in Nederland. Dat gebeurde in 1886.


In de loop der tijden zijn veel lokale Doleantie-processen beschreven, al dan niet naar aanleiding van een jubileum. Jarenlang domineerde in zulke kerkhistorische bijdragen de doctrinaire, leerstellige benadering van de scheuring. Die werd dan eenzijdig als een zaak van geloof gepresenteerd; het zou alleen daar om zijn gegaan. Vaak werd daarbij nadruk gelegd op allerlei kerkordelijke en juridische aspecten. Denk aan kwesties als de bevoegdheid van de hervormde synode met betrekking tot de vormgeving van het plaatselijke kerkelijke leven en het bezit en beheer van de kerkelijke goederen, waaronder het kerkgebouw.


Andere aspecten


Van die eenzijdigheid is reeds lang geen sprake meer. Al enkele tientallen jaren wordt bij de beschrijving van lokale Doleantie-processen aandacht gevraagd voor andere aspecten, zoals sociale-maatschappelijke en financieel-economische.


Ik wijs in dit verband op de lezing ‘Liefdesbrieven in de schaduw van de Doleantie’, die prof.dr. Kees van der Kooi in 2022 hield bij de presentatie van mijn boek Wanneer toch mijn liefste? Anna Noordmans & Hantje van Dijk, een liefdesgeschiedenis in de schaduw van de Doleantie hield. Die lezing kunt u nalezen als u de QR-code scant. 

Grote delen van het boek doen welhaast aan een boeiende streekroman denken


Van der Kooi beschouwt de Doleantie vooral ook als een proces van emancipatie en democratisering. Hij noemt daarbij de casus-Lollum, ooit beschreven door dr. Liuwe Westra in 'De strijd om de vrijheid in Lollum: hoe dominee De Haas de kerk deed scheuren' in de serie De gereformeerden in het Friesch Dagblad. Dit artikel vindt u ook achter een QR-code. 


Doleantie in Hijlaard


Kees Bevaart publiceerde eind 2025 Het halve dorp moest verhuizen over de Doleantie in het Hijlaard. Bevaart is geen kerkhistoricus. Hij studeerde culturele antropologie en theorie en methoden van de eigentijdse geschiedenis. Dat maakte hem bij uitstek gekwalificeerd om sociaal-maatschappelijke en financieel-economische aspecten van de kerkscheuring aan het licht te brengen. 


Bijzondere aandacht besteedt hij aan de familieverhoudingen in het dorp en zijn omgeving. Met alles wat daar bij hoort, bijvoorbeeld erfeniskwesties. Het is werkelijk onvoorstelbaar wat hij allemaal uit allerlei archieven opgediept heeft. Soms is het abundante materiaal zo minutieus gepresenteerd dat de lezer in de enorme hoeveelheid details verdrinkt, al verhelderen statistieken en grafieken veel.


Maar die lezer blijft doorlezen – ik deed het althans. Grote delen van het boek doen toch welhaast aan een boeiende streekroman denken. Ondertussen is het vaak wel ontluisterend wat zich op het kerkelijke erf van Hijlaard heeft afgespeeld…


Juridische strijd


Wat zich onder meer op het kerkelijke erf heeft afgespeeld? U raadt het al: dat het halve dorp moest verhuizen. Op 17 januari 1887 waren in het dorpsgebied 75 woningen in gebruik. Dertien waren van de kerkvoogdij, zes van de diaconie en twee van de armvoogdij. Nadat de juridische strijd tussen de dolerenden (de nieuwe groep gereformeerden) en de synodalen (de overgebleven hervormden) in 1889 was beëindigd, waren de synodalen niet alleen in het bezit van de ‘oude’ kerk gebleven, maar ook van vrijwel het gehele genoemde woningbestand - enkele woningen waren inmiddels in particuliere handen gekomen.


De dolerenden moesten de woningen van de hervormde gemeente verlaten. Een belangrijk deel van de armen, die afhankelijk van de diaconie waren, raakte daardoor op drift. In mei 1890 kreeg de VU-hoogleraar F.L. Rutgers een brief, waarin gemeld werd: ‘Er is hier in dit kleine dorpje met Mei eene verhuizing geweest zooals de oudste inwoners niet hebben beleefd. Het halve dorp ging verhuizen.’         


Het halve dorp moest verhuizen - De Doleantie in Hijlaard, Kees Bevaart, uitgeverij Noordboek, 29,90 euro

Het halve dorp moest verhuizen -
De Doleantie in Hijlaard, door 
Kees Bevaart